Ga naar inhoud

Honden kennisbank

Deze honden kennisbank zit boordevol informatie over alle aspecten van honden. Dit is met name basiskennis en antwoorden op de meest gestelde vragen voor de aanschaf van een hond.

Naast deze kennisbank vind je meer informatie op onze Facebook pagina en Youtube kanaal

Zoek honden kennisbank met een trefwoord

Een ruwharige teckel is een geweldig beestje om in huis te houden.

Het is een hondje dat altijd vrolijk en speels is.

Wenst u eerst informatie over het ras teckel? Bekijk dan de pagina onder onze rassen.

Bent u zeker dat u een teckel wenst te kopen, maar weet u niet of het een ruw-, lang- of kortharige teckel word. Dan zal ik u uitleggen wat het verschil is tussen die drie teckels.

Voor een niet kenner is het soms moeilijk om een goede fokker te herkennen. Daarom kort eventjes uitleg hierover in dit artikel.

teckel pups kopen

Hoe een goed teckel fokker herkennen

Een goed fokker herken je op volgende eigenschappen:

Bij Woefkesranch kunt u:

Film van onze teckels op youtube

Kortharige teckels te koop

U wenst misschien een kortharige teckel te kopen?

Goed want kortharige teckels zijn het meest speels en sociaal.

Als u een teckel puppy wenst van Woefkesranch, zal het een kortharige zijn omdat wij enkel kortharige teckels fokken.

De kortharige teckel heeft zo’n prachtig karakter. Hij kan goed met andere dieren, met kinderen, een echte gezinshond.

De kortharige teckel is van de drie varianten het meest gemiddeld van karakter.

Hij is zachtaardig, gehecht aan zijn gezin maar naar onbekenden wat terughoudend.

Bekijk zeker onze beschikbare teckel puppy’s.

Ruwharige teckel

De ruwharige teckel is kwa karakter iets feller al karakter. Waarschijnlijk omdat er terriers gebuikt zijn om hem te fokken.

ruwharige teckel

Als u een ruwharige teckel zoekt te kopen, raad ik aan om verder te zoeken. Want Woefkesranch heeft geen ruwharige teckels.

Langharige teckels

De langharige teckel is zachter, aanhankelijker en gevoeliger van karakter dan de ander twee varianten.

langharige teckel

Als u een langharige teckel zoekt te kopen, raad ik aan om verder te zoeken. Want Woefkesranch heeft geen langharige teckels.

De Teckel is een robuuste en moedige hond. Hij heeft een groot uithoudingsvermogen en een eigenzinnig karakter.

De Dashond is onafhankelijk, strijdlustig, en probeert andere honden te domineren.

Zijn gewoonte om bij het minste geluid te gaan blaffen maakt hem tot een goede waakhond.

De Teckel is aanhankelijk en opgewekt, maar eist veel aandacht op en is vaak jaloers.

De kortharige variëteit is het meest energiek, terwijl de ruwharige variëteit een rustiek karakter heeft en het grootste jachtinstinct.

De langharige variëteit is de kalmste van de drie. Alle Dashonden moeten van jongs af aan consequent en geduldig worden opgevoed.

Typische eigenschappen van de Teckel

Door zijn oorsprong als zelfstandige jacht- en waakhond heeft de Teckel een moedig en pittig karakter. Dapper, fel gedrag en geblaf was nuttig wanneer Teckels het onder de grond moesten opnemen tegen een das of een vos. Ook heeft de kleine Teckel een groot uithoudingsvermogen en is hij intelligent en eigenwijs.

Als hij de kans krijgt probeert de pientere Teckel zijn baasje zeker te bespelen. Hij weet bijvoorbeeld heel goed wat hij met zijn schattige en aandoenlijke blik kan bereiken. Daarnaast kan je Teckel af en toe een beetje jaloers zijn; jij bent zíjn baasje en hij is jouw held.

Ook al is de Teckel een gezelschapshond, een typische schoothond is hij niet. Het is belangrijk je Teckel mentaal en fysiek voldoende uit te dagen. De levendige en vrolijke Teckel houdt van spelen en is daar, door zijn achtergrond als jachthond, ook enorm fanatiek in. Wandelen door het bos en spelen met takken en balletjes, al dan niet in het water, en gewoon een beetje rondsnuffelen en graven, zijn goede bezigheden voor Teckels. Maar wil je gezellig samen apporteren? Je hebt kans dat je Teckel de stok of het speeltje gewoon bij zich houdt. Hij heeft tenslotte een eigen willetje.

Niet alleen het karakter van je Teckel is uniek. Hij heeft met zijn lange rug ook een unieke bouw. Je kunt een Teckel prima in een appartement houden, maar vanwege die lange rug is het verstandig hem geen trappen te laten lopen.

In dit bericht zal ik wat uitleg proberen te geven over het opvoeden van een Labrador retriever. Zo blijft die lieve puppy voor altijd een beestje om van te genieten.

Labrador retriever

Is het moeilijk een Labrador op te voeden?

Het is niet voor niets dat de labrador retriever één van de populairste hondenrassen is.

Dit komt door een combinatie van voornamelijk vier factoren:

Het feit dat ze makkelijk op te voeden zijn, betekent niet dat je hier te licht mag over nadenken. Het is niet per se moeilijk, maar moet wel nog even gebeuren.

De labrador is, als we naar de geschiedenis kijken, gefokt om te jagen op eenden. Dit zie je nog terug in zijn gedrag. Dit is ook een van de redenen dat een labrador graag zwemt. hij heeft zelfs kleine zwemvliesjes.

Voor de beschikbaarheid, bekijk onze labrador retriever galerij.

Energie en leergierigheid tijdens de opvoeding

Een labrador opvoeden is erg leuk om te doen. Deze hond vind het echt super om op pad te gaan met zijn baas.

Helpen zit in het bloed van de labrador, werken voor zijn baas is voor deze hond vanzelfsprekend.

In combinatie met de leergierigheid is dit een goed te trainen hondensoort.

Behalve het ‘helpen’ wat in het bloed zit heeft de labrador een uitzonderlijk goede neus en is hij behendig. Toen er vroeger een eend word geschoten, moest de labrador op zoek naar de eend in het grote moeras.

Kortweg, een labrador heeft een gouden karakter. Ze zijn relatief rustig te noemen. En passen zich ook makkelijk aan, aan huishoudelijke sferen.

Ze zijn zeer zachtaardig en is er geen spoor van agressie in dit ras te vinden.

Bovendien door het vriendelijk en open karakter is het opvoeden van de labrador zeer goed te doen.

Voor de beschikbaarheid, bekijk onze labrador retriever galerij.

Veel voorkomende problemen bij het opvoeden van de labrador

Je labrador goed opvoeden zal ertoe leiden dat het een energieke, gelukkige hond gaat worden. Een probleem dat veel voorkomt bij de labrador retriever is overgewicht. Dit is een combinatie van teveel eten, te weinig beweging en verkeerd voer. Als de hond ouder wordt gaat die sneller vet opslaan. Tip: houd de hond echt veel in beweging, dagelijks lopen en in het weekend lange wandelingen maken. Zeker als ze ouder worden en moeilijker gaan bewegen. Neem de hond mee en trek erop uit.

Ander probleem is dat de labrador op jonge leeftijd last krijgt van heup- en elleboogdysplasie, ofwel een stoornis in de ontwikkeling van dat bepaalde gewricht. Dit kan leiden tot artrose. Bij 3 op de 10 honden is dit erfelijk, maar verkeerd gebruik van voeding, verkeerd bewegen en overgewicht hebben hier allemaal invloed op. Nog meer redenen om je labrador goed op te voeden.

Voor de beschikbaarheid, bekijk onze labrador retriever galerij.

Onderdeel van je gezin

De labrador retriever is een ‘duur’ dier. Voor een labrador puppy betaal je al gauw meer dan 1000 euro. Dit verschilt zelfs per kleur, zo zijn de prijzen voor zwarte labrador puppies anders dan voor bruine labrador puppies. En dan moeten er nog accessoires worden gekocht: speelgoed, eten, prikken, belasting, manden etc. Reken eerst goed uit of je het kan betalen en of je de tijdsinvestering aan kan. Een labrador opvoeden kost nu eenmaal wat uren. Daarnaast moet je genoeg aandacht en liefde in het beestje kunnen stoppen.

Voor de beschikbaarheid, bekijk onze labrador retriever galerij.

Scott, onze vader Pomeriaan

De Duitse keeshond is een stevige hond, herkenbaar aan zijn mooie overvloedige vacht, zijn kraag en pluimstaart, zijn hoofd doet denken aan die van de vos en puntige oren. Dit alles zorgt voor een elegante en speelse look. De Duitse keeshond is verkrijgbaar in 5 verschillende soorten maten, van de grootste (Wolfs keeshond) tot in de kleinste (Toy keeshond, Pomeriaan), door de middenslag keeshond. Afgezien van de maten, zijn de fysieke kenmerken in wezen hetzelfde voor alle variëteiten. Het tempo is vloeiend en elastisch in dit ras.

Hier is het verschil tussen de Duitse keeshond, die eruit ziet als een kleine vos en Pomeriaan dat een kleine beer lijkt, zoals we kunnen zien, de Duitse heeft de langste oren en spitse snuit en de langste eind en fijn-uitgebeend, vacht met minder haar. Terwijl onder de pomeriaan de meest prominente voorhoofd, dat genoemd geleid en korter en korter afgeronde snuit en oren, een groter frame en een dubbele vacht, de ondervacht die het volume en de lange haarkleur geeft die de pot wordt genoemd . De kleine Duitse keeshond zijn minder duur.

Pomeriaan puppy zwart
Kleine keeshond zwart
Petit Spitz
Kleine keeshond

U kunt genieten van onze puppy’s op de pagina beschikbare pomeriaan pups
Per puppy 2 foto’s, de prijs is ook toegevoegd. 
als je je liefde vindt, kun je het al reserveren via ons reservatieformulier
Dus je bent er zeker van dat hij / zij op je wacht.

Uiteraard bent u voor het reserveren ook altijd welkom: 
elke dag van 10 tot 18 uur, op zon- en feestdagen gesloten.

Als u uw keuze niet vindt, of, is er al geen puppy. 
Meld je aan op onze puppy-melding. Dan ontvang je een e-mail wanneer we nieuwe pups hebben toegevoegd op onze site.

Lees de e-mails van onze klanten of onze Facebook-pagina

De beroemde goldrush aan het eind van de 19e eeuw naar het district Klondike in Alaska heeft diverse gestaalde en getalenteerde karakters aan het licht gebracht. Zo is de reputatie van de Amerikaanse schrijver van avonturenromans en dierenverhalen Jack London (1876-1916) onlosmakelijk verbonden met die periode. Hetzelfde geldt voor het lot van de Siberische Husky. Als men geen goud had gevonden in Alaska, zouden wij waarschijnlijk nooit van deze hond hebben gehoord. Maar daarover later meer.

De term husky, ofwel ‘hees’, was van toepassing op alle sleehonden die door de Indianen en de Eskimo’s werden gebruikt.

Het ras Siberische Husky, dat deel uitmaakt van die groep sleehonden, is afkomstig van het uiterste noordoosten van Azië, om precies te zijn van het schiereiland Tsjoektsjen. Het daar levende eskimovolk de Tsjoektsjen of Chukchee was van elk contact met de westerse beschaving verstoken. Er is maar weinig bekend over dit volk en over de manier waarop het honden fokte. Wat men wel heeft weten te achterhalen is dat de Tsjoektsjen de honden opnamen in de familiekring en dat zij een echte selectie toepasten.

Siberische Husky pup

Deze Eskimo’s doodden namelijk de meeste teefjes vlak na de geboorte, en behielden de meest robuuste exemplaren. De reuen werden gecastreerd, met uitzondering van de exemplaren die voor de fokkerij waren uitgekozen. Het betrof dan natuurlijk de dapperste reuen. Door dit gebruik en door de uiterst strenge klimatologische omstandigheden en het isolement van de Eskimo’s, kon er een zeer getypeerde en zuivere hondenpopulatie ontstaan. Het vinden van goud in Alaska zou de Siberische Husky uit zijn isolement halen.

In juli 1896 ontdekte men bij de samenloop van twee rivieren in het district Klondike enorme klompen goud. Het gevolg hiervan was dat er een onverwachte toevloed van emigranten vanuit heel Amerika naar Alaska ontstond. De goudzoekers ontdekten al snel dat het niet zo simpel was om te overleven in de kou, het donker en de stilte van het hoge Noorden. Omdat zij in het begin geen enkel contact met de Indianen en Eskimo’s hadden, en dus ook de inheemse honden niet kenden, moesten ze elders hulp zoeken voor bijvoorbeeld het vervoer van hun vrachten. Iedereen die sterk genoeg leek en blijkbaar tegen het klimaat was opgewassen, werd ingeschakeld. Dat betekende onder andere dat de sleden met gereedschap, voedsel en ijzeren kachels door allerlei soorten honden werden getrokken. Voor dat zware karwei werden vooral Collies, Herdershonden en Setters gebruikt, maar de verstandigste kozen voor honden van het type Sint-bernard of Newfoundlander. Een enkeling wist de hand te leggen op inheemse honden en die lieten zien superieur te zijn als het op sleden trekken aankwam. Het was echter niet zo eenvoudig om aan deze honden te komen, omdat de plaatselijke bevolking ze zelf veel te hard nodig had. Bovendien bleek het bijzonder lastig om ze de baas te worden. Dat de lokale sleehonden zich langzaam maar zeker toch een vaste plaats wisten te verwerven en uiteindelijk algemeen werden erkend door de pioniers, was waarschijnlijk te danken aan de pelsjagers.

Siberische Husky 4 maand

Al lange tijd voordat de goldrush plaatsvond in Alaska, hadden zich daar pelsjagers gevestigd. Zij werden ook wel ‘musher’ genoemd, een term die is afgeleid van het commando ‘marche’ dat de Frans-Canadese pelsjagers aan hun spannen gaven. Voor Engelstaligen is dat ‘mush’ geworden vanwege de klank. In de tijd van deze mushers verspreidden de robuuste honden van de Mahlemuts zich, een eskimostam in Alaska. Omdat die honden in staat waren om de zwaarste vrachten over de grootste afstanden te trekken, werden ze al gauw beroemd. Ze kwamen ook in handen van de kolonisten en die werden door de aanleg van de Malamutes (zoals de honden werden genoemd) op het idee gebracht om ze te kruisen met Sint-bernards. Uit deze kruisingen kwam de Blossom voort, een nog altijd beroemde soort. Later streefde men meer naar kracht dan naar snelheid, en daarom werd de Malamute ingekruist met westerse honden die lichter waren, zoals Setters of herdershonden. Maar terug naar de mushers. In navolging van de Indianen en Eskimo’s vatten zij het plan op om de prestaties van hun spannen met elkaar te vergelijken. Daartoe organiseerden zij wedstrijden tussen de dorpen onderling, evenementen waarop ook stevig werd gewed. Dat deze competities zich als snel uitbreidden, laat zich eenvoudig verklaren. Volgens een Alaskaans gezegde kent het hoge Noorden vier seizoenen: juni, juli, augustus en de winter. Daarmee wil men aangeven dat alle activiteiten zich op de drie zomermaanden concentreren en dat iedereen zich gedurende de rest van het jaar van de buitenwereld afsluit. De dan voor de hand liggende verveling was wellicht de bakermat van het succes van de sleewedstrijden.

Het is niet zo vreemd dat de populariteit van de sleewedstrijden leidde tot de oprichting van de Nome Kennel Club in 1907. Initiatiefnemers daartoe waren de musher Allan Scott en de advocaat Albert Fink, die de wedstrijden een serieuze grondslag wilden geven en er een telkens terugkerend evenement van wilden maken. De naam Nome verwijst naar een gehucht aan de kust van het schiereiland Seward, in het uiterste noord-westen van Alaska. Deze uithoek heeft zijn bestaan alleen te danken aan de ontdekking van klompen goud op het strand. Men dacht er aanvankelijk zelfs niet aan om dit gehucht aan het einde van de wereld een naam te geven, en juist omdat het geen naam had (no name) werd het Nome genoemd. Nome werd het centrum van de sleewedstrijden. In 1908 zette de Nome Kennel Club de All Alaska Sweepstakes op touw, een wedstrijd over een lengte van 650 km. Daardoor kregen het zoeken naar de beste honden en de selectie van de best presterende spannen een nieuwe dimensie, en kwam ook de Siberische Husky in beeld.

Siberische Husky

De Husky leefde weliswaar in Siberië, maar in feite is dat helemaal niet zo ver van Alaska verwijderd. De Beringstraat die Alaska van Siberië scheidt, is niet meer dan 100 km breed. Bovendien had Alaska banden met het Aziatische continent, al was het alleen maar omdat er een grote Russische kolonie in Alaska woonde. Deze had zich daar al vóór 1867 gevestigd, het jaar waarin tsaar Alexander II Alaska voor zeven miljoen dollar verkocht aan de Verenigde Staten. Toen de sleewedstrijden zich steeds verder uitbreidden, kwam een bonthandelaar van Russische komaf, William Goosak, als eerste op het idee om een paar Husky’s uit Siberië te gaan halen. Het was zijn bedoeling om deze honden in te zetten in de All Alaska Sweepstakes. Aanvankelijk stond men wat sceptisch tegenover deze sleehonden, omdat ze kleiner waren dan de andere. Het duurde echter niet lang of men nam ze serieus, want het span Siberische Husky’s eindigde als derde.

Een en ander had tot gevolg dat een welgestelde Schot maar liefst 60 Husky’s bij de Tsjoektsjen aan de rivier de Anadyr vandaan haalde. Hij vertrouwde een span toe aan John Johnson, die in 1910 van zich deed spreken door overtuigend het wedstrijdrecord te breken. Johnson, die ook wel ‘iron man’ ofwel ‘de ijzeren man’ werd genoemd, herhaalde zijn prestatie in 1914. Daarna was het de beurt aan Leonhard Seppala om de wedstrijd drie jaar achter elkaar te winnen. Deze Noor was zonder enige twijfel de grootste musher aller tijden en met hem brak de roemrijkste periode uit de geschiedenis van de Siberische Husky aan. Het bestand van het ras werd gevormd door de zeer waardevolle import van Husky’s uit Siberië. De laatste keer dat er in die periode honden werden ingevoerd, was in 1930 en kwam op naam van Olaf Swenson.

Siberische Husky pups te koop

In 1925 zorgde een dramatische gebeurtenis ervoor dat de reputatie van de Siberische Husky heel Amerika bereikte. In januari van dat jaar werd Nome namelijk het slachtoffer van een difterie-epidemie. De enige arts van het toen slechts 1450 inwoners tellende plaatsje beschikte over niet meer dan enkele doses difterie anatoxine en die lagen daar bovendien al vijf jaar. Er was dus dringend hulp van buitenaf nodig. Vanuit Anchorage zond men snel het nodige serum toe via de nieuwe spoorlijn (van Anchorage naar Fairbanks) tot aan Nenana. Nenana bevond zich echter nog altijd op meer dan 1000 km afstand van Nome. Door de in die tijd van het jaar gebruikelijke weersomstandigheden konden de oude vliegtuigjes waarover men beschikte niet opstijgen, dus resteerde er niets anders dan transport per slee. Om het kostbare geneesmiddel op de plaats van bestemming te krijgen, wisselden 19 spannen Husky’s elkaar af. Ze werden tegemoet gereden door de uit Nome vertrokken Leonhard Seppala, en die werd op zijn beurt afgelost door Gunnar Kasson. Uiteindelijk wist de leider van diens span, de hond Balto Nome te bereiken, en dat middenin een sneeuwstorm, in de vrieskou en in bijna volledige duisternis. Deze ‘wedstrijd tegen de dood’ had al met al 127 uur geduurd, dus zo’n vijf en halve dag.

Siberische Husky

Het nieuws van de heldendaad werd al spoedig in heel Amerika bekend. Men richtte in het Central Park van New York zelfs een standbeeld op voor Balto. De bewondering en belangstelling voor Siberische Husky’s waren zo groot, dat Seppala met zijn honden op rondreis ging door de Verenigde Staten. Uit de honden waarvan hij tijdens die tournee afstand deed, is een deel van de Amerikaanse populatie van het ras voortgekomen. De Siberische Husky werd in 1930 als ras erkend door de American Kennel Club. Dat behalve de sleehonden ook de sleesport aan populariteit won, blijkt wel uit het feit dat er in 1932 sleewedstrijden als demonstratiesport werden toegestaan op de Olympische Winterspelen van Lake Placid. De in 1938 opgerichte Siberian Husky Club of America stelde de eerste officiële standaard op, hoewel een eerste aanzet daartoe al in 1932 was verschenen. In 1939 liet ook de Canadian Kennel Club het ras toe. Alles verliep dus voorspoedig, behalve in Alaska zelf. Het leven in Alaska ging er vanaf de jaren ’20 anders uitzien. Het tijdperk van de kleine goudzoekers was bijna ten einde en werd opgevolgd door het industriële tijdperk. Dat had ook gevolgen voor het vervoer. Behalve van de trein ging men steeds meer gebruik maken van het vliegtuig. Tegenwoordig heeft één op de 30 inwoners van Alaska een vliegbrevet en bezit één op de 50 een privévliegtuig.) Verder jaagde een eerste economische recessie in 1923 de laatste avonturiers op de vlucht. Dat was een voorproefje van de grote wereldrecessie die vooral in Alaska hard aankwam. Het transport per slee nam dus af, en daarmee het gebruik van sleehonden, hoewel er zo hier en daar nog uitzonderingen waren. Zo zou de beroemde Hudson Bay Company tot 1963 nog sleden inzetten bij de bezorging van de post, terwijl de Canadese politie tot 1969 de honden zou blijven gebruiken. De Indianen en Eskimo’s in Alaska maken echter nog steeds gebruik van sleden en houden nog altijd wedstrijden tussen de dorpen.

Siberische Husky pup

Na een periode van verwaarlozing van de sleesport, vond er in 1946 een opleving plaats, toen de ‘Fur Rendezvous’ van Anchorage werd ingesteld. Maar er waren duidelijk veranderingen aangebracht in de sport. Het ging nu niet meer om de beroemde wedstrijden uit het heldentijdperk, maar eerder om snelheidswedstrijden over afstanden van enkele tientallen kilometers per dag. Als gevolg daarvan veranderden ook de honden. Indiaanse mushers zoals de beroemde George Attla gebruikten nog altijd Husky’s, maar anderen merkten al spoedig dat zij veel snellere honden konden krijgen door de Siberische honden te kruisen met jachthonden en zelfs met Windhonden. Zulke kruisingen vonden op een gegeven moment zo vaak plaats, dat veel ‘Alaskaanse Husky’s’ geen noordelijke honden meer konden worden genoemd.

Het duurde tot de jaren ’70 voordat men zich realiseerde dat de honden door de kruisingen wel sneller werden, maar dat dit ten koste ging van hun robuustheid en uithoudingsvermogen. De Husky’s van Alaska werden pas weer echte poolhonden toen in 1973 de Iditarod werd ingevoerd, een wedstrijd over een afstand van 1800 km die in 11 dagen (met één dag rust) moet worden afgelegd. Uiteraard had de Siberische Husky ondertussen wel zijn homogeniteit verloren. Hij was eigenlijk een van de Husky’s geworden die van Indiaanse, Eskimose en westerse honden afstamden. De Siberische Husky is echter niet helemaal uit Alaska verdwenen, want zijn bloed stroomt nog steeds door de aderen van vele Alaskaanse Husky’s. Hij is ook nog steeds in staat om als zuiver ras te concurreren, zoals de fokker en musher Earl Norris wel heeft bewezen. De voortschrijdende ontwikkeling van de sleesport en de daarmee samenhangende selectie van wedstrijdhonden zijn pas recentelijk in Europa tot uiting gekomen. De eerste aanzet daartoe werd gegeven door liefhebbers die in Alaska en de Verenigde Staten naar wedstrijden gingen kijken en vervolgens zeer goed presterende Husky’s mee naar Europa namen. Toch was de Siberische Husky al tijdens de Eerste Wereldoorlog te zien in Frankrijk. Het bleek destijds namelijk onmogelijk om bepaalde strategische posities in de Vogezen met munitie en voedsel te bevoorraden via paarden, muildieren of mensen. Men lag immers onder intensief geweervuur. Zo ontstond het idee om daar honden voor te gebruiken. Onder de circa 400 honden die men voor dit doel uit Nome en Canada liet komen, bevonden zich zo’n 100 Siberische Husky’s. Ze werden getraind door de beroemde musher Scotty Allan. De rest van Europa maakte pas in de jaren ’50 kennis met het ras, eerst in Zwitserland en Noorwegen, en later de andere Scandinavische landen, Duitsland, België en Nederland. De Siberische Husky werd in 1966 door de Fédération Cynologique Internationale erkend. Sindsdien heeft deze hond enorm veel succes geboekt, uiteraard vanwege zijn voorkomen, maar zeer zeker ook door zijn sportieve kwaliteiten.

Woefkesranch Huksy pups te koop

Het staat vast dat het wolfachtige uiterlijk van de Siberische Husky de aandacht heeft getrokken. Vervormden zijn blauwe ogen natuurlijk een aantrekkelijk aspect. Omdat er bovendien veel aandacht aan het ras werd besteed door de geschreven pers en de nodige filmsterren, kwamen er elk jaar meer bewonderaars van de Husky bij. Iedereen wilde graag zo’n bijzondere hond hebben. Men had al snel door dat het vrij ongewone uiterlijk van de Husky overeenkwam met zijn al even ongewone karakter. En aangezien het trekken van sleden zijn specialiteit bleek, kwam men natuurlijk ook op het idee om wedstrijden te houden.

De Siberische Husky wordt vaak beklaagd omdat hij een gezelschapshond is geworden, maar dat is niet altijd nodig. Veel eigenaars beseffen dat deze hond een bijzonder karakter heeft. Zij gebruiken en trainen hem nog steeds als sleehond en zetten hem bij gebrek aan sneeuw voor de trekkar in plaats van voor de slee.

Een Siberische husky is een middelgrote tot grote hond. Hij word ongeveer even groot als een golden retriever of een Duitse herder.

Formaat husky puppy 7 weken
Husky puppy +- 7 weken

Leeftijd en het formaat van een Husky

Een husky puppy zal uiteraard kleiner zijn dan een volwassen Siberische husky. Maar hoe groot is een husky op elke leeftijd?

Het is belangrijk dat u weet of de leeftijd van uw husky pup klopt.

De beste manier om dit te doen is om het gewicht van de puppy te vergelijken met het gemiddelde gewicht.

Een hond die geïmporteerd is uit het buitenland moet minstens 3 maand zijn voordat hij verkocht mag worden.
Als de leeftijd klopt zou een geïmporteerde Husky dus minstens 10 kg moeten wegen. Indien niet, verwacht dat al maar dat er gesjoemeld is.

Bij ons kunt u enkel Belgische hondjes vinden! Dus zal een Siberische husky op de leeftijd van 7-8 weken ongeveer 4-5 kg wegen.

Tabel met gewichten van Husky pups per leeftijd ( bron )

LeeftijdHusky reuHusky teef
8 weken4,5 tot 6,8 kg3,5 tot 5,5 kg
3 maand10 tot 14 kg10 tot 14 kg
6 maand15 tot 19 kg12 tot 17 kg
9 maand17 tot 24 kg14 tot 21 kg
12 maand19 tot 26 kg15 tot 22 kg
15 maand20 tot 27 kg16 tot 23 kg

Wanneer is een husky volgroeid

Een Siberische husky is volgroeid rond de leeftijd van 15 maanden.

Hij zal wel minder snel groeien vanaf de leeftijd van 8 maand. Dan zal hij alleen noch wat gespierder worden.

De groei van een hond gaat heel snel, dus geniet zoveel mogelijk van jou puppy. En bovendien heeft u ook maar +-1 jaar voor u uw Siberische husky kunt basis manieren leren. Daarna gaat het vele moeilijker.

Hoe groot word een Siberische Husky reu

Volgens de AKC standaard van de Siberische husky weegt een volwassen husky reu tussen 20 en 27 kg.

Dit kan natuurlijk enkel kilo’s erboven als uw hond met zwaar overgewicht zit. Maar ook enkele kilo’s eronder, indien hij een ondergewicht heeft. Vraag dan aan een expert om hulp.

Hoe groot word een Siberische Husky teef

Volgens de AKC standaard van de Siberische husky weegt een volwassen husky reu tussen 16 en 23 kg.

Dit kan natuurlijk enkel kilo’s erboven als uw hond met zwaar overgewicht zit. Maar ook enkele kilo’s eronder, indien hij een ondergewicht heeft. Vraag dan aan een expert om hulp.

Voeding en het formaat van een Husky

De voeding heeft een belangrijke rol in de groei van een Siberische husky.

Een kwaliteitsvoer heeft meer eiwitten wat de groei bevordert.

Het is ook niet goed als hij te snel groeit want dan kan uw hond groeipijnen krijgen.

Een eiwitgehalte van 25-30% is een goede korrel om u op te baseren. (Bron)

Hoeveel verzorging heeft een Siberische Husky eigenlijk nodig? Hoe vaak moet een Siberische Husky gewassen worden en hoe verzorg je de vacht van een Husky? Alles over de verzorging van een Siberische Husky lees je in dit artikel.

Een Siberische Husky verzorgen valt erg mee. De Husky vraagt op dit vlak niet veel aandacht. Het belangrijkste van de verzorging van een Siberische Husky is liefde. Jouw Husky wil niets liever dan onderdeel zijn van jouw gezin (roedel). Daarom is liefde de belangrijkste verzorging die een Siberische Husky nodig heeft. Daarnaast hebben natuurlijk ook de vacht, oren en ogen enige verzorging nodig, net zoals bij elke hond.

Hoe vaak moet ik mijn Husky wassen

Siberische Husky’s zijn van nature schone honden, met weinig lichaamsgeur. Ze verzorgen zichzelf en houden zichzelf schoon. De vacht van een Husky houdt weinig vuil vast. Het beetje vuil dat wel in de vacht achter blijft, kan je er eenvoudig uit kammen. Voordeel hiervan is, dat de Siberische Husky niet zo vaak gewassen hoeft te worden. Is jouw Husky echt aan een douche beurt toe? Gebruik dan een hele milde hondenshampoo die PH neutraal is. Gebruik niet te veel shampoo en spoel de vacht van je Husky heel goed uit.

Tip; Om te voorkomen dat er teveel shampoo op 1 plek terecht komt, kan je het volgende proberen; Vul een plastic fles voor de helft met water. Voeg beetje bij beetje wat shampoo toe. Schud de fles goed en verdeel de inhoud vervolgens over de hele vacht van je hond

Vaak douchen is niet goed voor de huid

Was of douche jouw Siberische Husky zeker niet vaker dan een maal per 3 a 4 maanden. Zorg er ook voor, dat je de vacht van jouw Husky goed droog maakt. Als de vacht te lang nat blijft kunnen er schimmels ontstaan. Vaker douchen is niet goed voor de huid van de Husky. Shampoo en zeep kunnen de natuurlijke beschermlaag van de huid aantasten, met jeuk en andere klachten als gevolg.

Borstelen of kammen van de vacht

Ongeveer een keer per week moet je de vacht van jouw Siberische Husky borstelen of kammen. Heb je echter een wollige (wooly) Husky, dan is het beter om de vacht 2 maal per week te kammen. De vacht van een wollige Husky heeft namelijk wat sneller de neiging om te gaan klitten. Dit komt doordat de vacht van een wollige husky langer is. Probeer voor het kammen van de vacht een vaste dag en dagdeel aan te houden. Borstel jouw Husky pup bijvoorbeeld elke zondagmiddag. De pup zal dan snel wennen aan regelmatige vachtverzorging.

Word het een borstel of een kam, en welke?

Voor de verzorging van een Siberische Husky heb je natuurlijk een goede borstel of kam nodig. Maar, wat is nu eigenlijk een goede kam of borstel voor een Husky? Er zijn ontzetten veel verschillende types hondenborstels en kammen voor honden verkrijgbaar. Zeker als beginnende hondenbezitter zie je al snel door de borstels de kammen niet meer. Toch zijn er een paar dingen waar je op kan letten bij het vinden van de juiste borstel of kam;

Vachtverzorging tijdens de rui

De siberische Husky verliest twee keer per jaar zijn hele ondervacht. “Helemaal?”, zullensommige mensen denken…. Jup, hij verliest echt zijn hele ondervacht. Deze periode kan 4 tot wel 6 weken duren. In extreme gevallen duurt het zelfs nog langer. Je kan jouw Husky in deze periode helpen, door hem dagelijks te borstelen of te kammen. Hierdoor is jouw Husky zijn ondervacht sneller kwijt. Wel zo prettig voor jouw hond, want zo’n losse ondervacht kan best wat kriebel en jeuk veroorzaken. Daarnaast scheelt het ontzettend veel haar in je huis, en kan je de rui periode wat verkorten. Een win win situatie dus!

Verzorging van de oren en ogen

Tijdens het verzorgen van de vacht van jouw Siberische Husky, is het verstandig om ook altijd de oren en ogen te controleren. Bij het controleren van de ogen, let je erop dat;

Bij het controleren van de oren moet je ook de buitenkant van het oor goed bekijken. De oren van een hond zijn namelijk voor de teek een van zijn favoriete verstop plekjes. De binnenkant van het oor moet licht roze van kleur en schoon zijn. Vaak vindt je aan de bovenkant van het binnenoor wat vuil. Dit kan je makkelijk verwijderen met een vochtig wattenschijfje. Let ook op of er geen zwarte of bruine “korreltjes” of aangekoekte rommel in het oor zit. Dit kan namelijk duiden op oormijt. Als het oor van de hond niet rood ziet of ontstoken lijkt kan je bij de dierenwinkel iets halen tegen oormijt. Is het oor al ontstoken (je hond schud met zijn kop en wrijft er met zijn poten langs), dan moet je naar de dierenarts. Deze zal dan iets voorschrijven om de infectie te bestrijden en de oormijt te doden.

Verzorging van de poten en nagels

Ben je klaar met het kammen van je hond, geef hem dan iets lekkers als beloning voor zijn geduld en goede gedrag. Laat hem  vervolgens even spelen en na tijdje roep je je hond weer bij je zodat je zijn poten en nagels kunt controleren. Leid je hond eerst af door bijvoorbeeld zijn buikje te kriebelen. Als je hond eenmaal ligt, blijf je aaien en ga je langzaam richting de poten. Op deze manier kan je rustig de poten en voetzolen nakijken en controleren of de nagels niet te lang zijn.

Nagels knippen is eigenlijk niet nodig

Bij de verzorging van een Siberische Husky is nagels knippen eigenlijk niet nodig. Doordat een Husky veel loopt en beweegt, sluiten de nagels op een natuurlijke manier. Toch is het verstandig, om de nagels af en toe te controleren. Mocht het toch nodig zijn om de nagels te knippen, dan kan je dit doen met een speciale nageltang voor honden. Heeft jouw Husky donkere nagels en kan je niet zien waar de bloedvaten beginnen? Ga dan liever naar de trimsalon of dierenarts voor het knippen van de nagels.

Le corps des chiens, des chats et des humains est davantage composé de silicium que de fer. L’être humain, par exemple, compte 7 grammes de silicium pour 4 grammes de fer. Le silicium se trouve principalement dans les os, les parois vasculaires, la rate, les tendons, les muscles, les reins, le coeur, la thyroïde et le thymus.

Par ailleurs, des rapports de recherche ont montré que le foetus humain est très riche en silicium, adapté à la formation des os, des phanères et à leur entretien.

Le silicium organique est aujourd’hui utilisé pour ses vertus médicinales, notamment par les fervents adeptes de médecines naturelles et alternatives. Il devient, par ce biais, de plus en plus important. En effet, le silicium :

Le silicium chez le chien et le chat

Chez le chien et le chat, le silicium organique est prescrit par les praticiens de santé naturelle dès le premier âge, notamment pour soutenir la croissance dans les élevages canins. Il est essentiel que le chiot ou le chaton destiné à la vente soit en excellente condition physique. Une alimentation équilibréee couplée à l’absorption de silicium et de l’exercice physique permettent d’atteindre un état physiologique optimal.

De plus, le silicium est conseillé dans le cas de pathologies ostéo-articulaires telles que les ostéites, ostéochondrites, chondropathies, ou encore l’arthrose du chien . Il s’avère aussi être un parfait complément alimentaire  à la suite d’opérations chirurgicales de type arthroscopie ou opération des tendons ou des ligaments.

Dans le cas de chiens et chats très actifs ou soumis régulièrement à un effort physique traumatisant tel que les épreuves d’agility, le silicium jouera un rôle prépondérant afin de protéger votre animal d’une éventuelle blessure telle qu’une foulure ou une tendinitee

La prescription du silicium organique ne se cantonne pas uniquement à ces cas. Par exemple, le silicium est utilisé dans certains cas de pathologies cutanées de type dermites allergiques, pyodermites du chien, pyodermites du chat, voire parfois des dermites avec prurit important (en complément avec l’aromathérapie). Il est aussi utilisé dans le cas de femelles allaitant leurs petits, afin de protéger la mamelle en toute innocuité pour les bébés.

Enfin, le silicium est un oligo-élément parfait pour revitaliser la beauté du poil, de la fourrure et favoriser le renouvellement cellulaire cutané. Dans ce cas, une cure de silicium organique de trois semaines est conseillée afin de booster l’éclat du poil.

Il est à noter que le silicium a une utilisation supplémentaire chez le chat. Des résultats parfois étonnants d’amélioration ont été constatés sur des chats victimes de leucose féline consommant du silicium organique en guise de complément alimentaire. Ces formidables résultats peuvent s’expliquer par ses qualités d’antioxydant, de stimulateur du système immunitaire et de barrière contre les radicaux libres. Il est cependant nécessaire que l’animal soit traité dès son dépistage ou peu de temps après. En outre, le silicium protège parfois des maladies associées, telles que les tumeurs.

With a compact size, easy-care coat and happy nature, the Beagle has long had a place as one of the most popular breeds for families. Beagles are also used as scent detection dogs at U.S. airports, where their friendliness allows them to search for weapons, drugs, and illegal food items without making passengers nervous the way a larger “police dog” might. The breed was developed in England to hunt rabbits, and Beagles are still happiest when following their noses. For that reason, they belong to a category of dogs known as scenthounds.

Beagle Puppie for sale

Don’t let the small size or undeniable charm of the Beagle fool you: these dogs are still born to hunt. They’ve been described as “a nose with four legs,” and they love following a scent trail. The minute they smell something interesting they’re likely to follow their noses rather than their owners’ requests.

Beagle

There are some things you should be aware of before you bring a Beagle home. The most important thing to know is that Beagles are ruled by their nose. A Beagle will follow an interesting scent wherever it leads him, across busy streets and miles from home, so a fenced yard is essential to keep him safe.

A related bit of information is that Beagles love to eat. Love it! And they are creative about finding and accessing food. Experienced owners put food, trash cans and anything else that might appear or smell edible to a Beagle well out of reach. On the plus side, that love of food comes in handy for training Beagles. They’ll do just about anything for a treat.

Beagles come in two sizes: 13-inch and 15-inch. The smaller variety includes Beagles who are no taller than 13 inches at the shoulder and weigh 22 to 30 pounds, while the larger variety includes Beagles who are taller than 13 inches but not more than 15 inches and weigh up to 35 pounds.

All Beagles sport a short, clean coat that’s usually some combination of black, white and tan. Their small to medium size is a plus for families – they’re the perfect shape for a child to hug – but the Beagle has no idea that he’s anything but a full-sized hound, and he has the loud bay of a full-sized hound to prove it!

Beagles are pack animals, becoming very attached to their human “pack,” and are well-suited to a variety of active families. They are a great choice for families with children. Singles and couples who love the outdoors also match up well with this breed, and his size and even temperament make the Beagle a great companion for active seniors who love to walk but don’t mind going at a slow pace to allow the Beagle to sniff to his heart’s content.

With adequate exercise and opportunities to work their sniffers, these versatile companions can handle anything from a small city apartment to a vast ranch. They’re not suited for life in the backyard or a doghouse, but need to live indoors as a member of the family.

If you give him opportunities to use his nose, whether that means letting him spend a lot of time sniffing on walks, taking him hunting, or training him for nose work or tracking, a Beagle will be a wonderful companion. The best thing about a Beagle is that he will always make you laugh — even when he’s being naughty.

Other Quick Facts

Source : http://www.vetstreet.com/dogs/beagle

0Shares
Follow Us!