Veel honden zijn reisziek

 

Eén op de zes honden heeft last van reisziekte. Dat komt omdat de honden tijdens het autorijden niet naar buiten kijken. 

Dankzij de open grenzen binnen Europa is steeds makkelijker om je hond of kat mee op vakantie te nemen. Het meenemen van je huisdier op vakantie lijkt echter makkelijker gezegd dan gedaan want veel honden hebben last van reisziekte. 

Reisziekte komt vaak voor bij honden die tijdens het autorijden niet naar buiten kijken. Er ontstaat dan een verschil tussen de werkelijke bewegingen die een hond maakt en de bewegingen die hij waarneemt. Een hond die bijvoorbeeld bij zijn baasje op schoot ligt, kan die werkelijke beweging niet zien. Dat veroorzaakt desoriëntatie, waardoor het braakcentrum in de hersenen geactiveerd wordt. Maar braken is niet het enige symptoom. Honden die last hebben van reisziekte zijn ook erg onrustig en opgewonden en speekselen overmatig. 

Veel hondeneigenaren proberen dat op te lossen door thuis met middeltjes te experimenteren, terwijl andere hun hond gewoon thuislaten. Wat veel hondenbezitters niet weten, is dat hun dierenarts een effectief en veilig middel tegen reisziekte voor kan schrijven. Omdat één tabletje minstens twaalf uur werkt, is het middel ideaal voor lange afstanden. En dat is voor veel hondenbezitters dé uitkomst nu de zomervakantie voor de deur staat. 


 

 

 

uit 'De telegraaf' juni 2009